Het Stratius Rondeel

Om zich te beschermen tegen ongewenste bezoekers was in Oud Wolfheze op een strategisch punt de grond verhoogd en hierop was een versterking of schans aangelegd. Vanuit hier kon men de vijand bestoken en binnen de aarden muur kon men zich terugtrekken. Deze kleine vesting met vier ronde hoeken had een gracht die werd gevoed door de Wolfhezer Beek. Op oude kaarten wordt dit het Stratius Rondeel genoemd.

Doctor Johan Stratius was Raadsheer van het Hof van Gelre en Zutphen en auditeur-militair (openbare aanklager bij de krijgsraad van het leger). Daarnaast was hij ambassadeur van keizer Karel V in Denemarken en Polen en in 1553 moet hij ook burgemeester van Arnhem geweest zijn. In de jaren twintig heeft hij vermoedelijk in Leuven gestudeerd en was dus een universitair opgeleide beroepsjurist. Stratius werd op 30 januari 1544 beëdigd als Raad van Het Hof van Gelre en Zutphen, toen dit Hof werd opgericht nadat Karel V het hertogdom en graafschap had ingelijfd. Stratius bezat o.a. gronden en een woning in Oud-Wolfheze en tevens had hij het huis ‘Gulden Spicker’ in Arnhem geheel of gedeeltelijk in gebruik (de Gulden Spicker lag in het huidige Sonsbeekpark)

Dit is de 1553 getekende (proces)kaart naar aanleiding van een burenruzie over het gebruik van een weg en het is daarmee tevens het oudst bekende kaartje van Oud-Wolfheze. De kaart moet 180 graden worden gedraaid want ze is op het zuiden geörienteerd. Het Stratius Rondeel is rechts te zien en lijkt zo op de plattegrond op een burcht met vier hoektorens. Lange tijd is het ook zo geïnterpreteerd, totdat een studie naar de geschiedenis van Oud-Wolfheze en een onderzoek ter plekke door de afdeling Historische Geografie van het DLO-Staring Centrum te Wageningen in 1996 maakte dat dit een verkeerde interpretatie is en dat het een vesting moet zijn geweest. Ten oosten van de kerk ligt een weg die kaarsrecht naar het noorden (= hier beneden) loopt. Op de kruising van deze weg met de Heerwech loopt een weggetje in zuidoostelijke richting dat wordt aangeduid met ‘stridigen wech’ (= de weg waarover onenigheid bestond). Dit was het door de wildforster Anna Droechscherer afgesloten weggetje dat over haar grond, de zogenaamde Heer Arnts Enck liep.
Op deze foto zijn duidelijk de contouren van het Rondeel te zien. Het plateau is 15 x 15 meter. Op de kaarten uit 1666 en 1756 zijn de contouren niet meer weergegeven, dus vermoedelijk was de schans toen reeds verdwenen. Een rondeel is een ronde uitstulping in een vestingmuur van waaruit men de vijand kon bestoken. Dit zou ook hier het geval kunnen zijn geweest. De ‘muur’ was hier kennelijk niet van steen, maar van aarde (er zijn geen fundamenten gevonden). Langs het Rondeel stroomde de meest noordelijke tak van de Wolfhezerbeek.. Deze wordt daarom ook wel de Rondeelbeek genoemd.

Plaats een reactie